Johan Maelwael: ‘Godfather van de Nederlandse schilderkunst’

Johan Maelwael, Henry Bellechose, Madonna met Kind engelen en vlinders, Dijon, c. 1415, Berlijn, Gemäldegalerie

Vrijdag 6 oktober opent in het Rijksmuseum een tentoonstelling gewijd aan Johan Maelwael (1370 – 1415) en tijdgenoten als Claus Sluter, Claes de Werve en de Gebroeders van Limburg. Als Jean Malouel is de veertiende eeuwse kunstenaar beroemd in Frankrijk, maar de van origine Nederlandse heraldische schilder geniet hier minder bekendheid. Wellicht omdat er nog maar acht werken over zijn van Maelwael die zich ook nog eens allen in het buitenland bevinden. Hiervan zijn er nu vijf in het Rijksmuseum te zien, waaronder La Grande Pietà (ca. 1400).

Johan Maelwael, La grande pietà, ca, 1400. Nu te zien in het Rijksmuseum, bruikleen Musée du Louvre / Erich Lessing

Directeur van het Rijksmuseum Taco Dibbits: “De Pietà dateert 242 jaar vóór de Nachtwacht. Het laat ons zien dat de Nederlandse kunst eigenlijk altijd internationaal is geweest en eigenlijk kan je het als land niet toe-eigenen. In het Louvre wordt het werk gepresenteerd als het begin van de Franse schilderkunst. Kunst kent geen landsgrenzen en is van iedereen.” Dibbits benadrukt dat deze tentoonstelling mogelijk is dankzij het ‘huwelijk’ met het Louvre dat voor Marten en Oopjen werd gesloten.

Conservator en samensteller van de tentoonstelling, Pieter Roelofs, typeert Maelwael als eerste bekende Nederlandse schilder als “de Godfather van de Nederlandse schilderkunst”. Tevens introduceerde hij, zijn inmiddels legendarische neven, de Gebroeders van Limburg aan het Bourgondische hof. De tentoonstelling laat zien dat de laat veertiende eeuwse kunstenaars zich niet beperkten tot één medium, hij spreekt van “een smeltkroes van stijlen”. Schilderkunst, beeldhouwkunst, edelsmeedkunst, miniaturen, men bekwaamde zich in verschillende technieken.

Al die verschillende expertises zijn terug te zien in de de vijftig geselecteerde objecten van de tentoonstelling, hoogtepunten van de veertiende eeuwse middeleeuwse kunsten uit West-Europa. Maelwael weet met zijn schilderkunst een uitzonderlijke mate van realisme te bereiken, hij zet hiermee een standaard dat Van Eyck pas ruim veertig jaar later weer toont. Als hofschilder van Bourgondische hertogen als Filips de Stoute en Jan zonder Vrees ontwikkelt Maelwael zich tot een van de meest succesvolle en best betaalde kunstenaars uit zijn tijd. In zijn nieuwe positie haalt hij zijn neven Paul, Herman en Johan naar Frankrijk. Oorspronkelijk opgeleid als edelsmeden zijn de gebroeders van Limburg vandaag de dag vooral bekend van hun rijk gedecoreerde handschriften. Hiervan zijn diverse voorbeelden in de tentoonstelling opgenomen.

Gebroeders Van Limburg, Petites Heures_Bourges, c. 1408, Parijs. Bibliotheque nationale de France

Johan Maelwael werkte ook met befaamde beeldhouwers als Claus Sluter en Claes de Werve, die ook zijn vertegenwoordig in het Rijksmuseum. Door het Cleveland Museum of Art zijn drie ‘pleurants’ van het graf van Filips de Stoute in bruikleen gegeven.

Claus Sluter en Claes de Werve, detail van een van de drie pleurants van het praalgraf van Filips de Stoute, 1404-1410, Cleveland Museum of Art

De tentoonstelling ‘Johan Maelwael’ is tot 7 januari te zien in het Rijksmuseum. Een tentoonstelling waarin verbanden worden gelegd tussen de verschillende kunstenaars en hun werk.  La Grande Pietà heeft de afgelopen 100 jaar het Louvre minder vaak verlaten dan Da Vinci’s Mona Lisa: een buitenkans om het zeshonderd (!) jaar oude werk van deze kunstenaar en consorten te zien.

 


Meer nieuws gerelateerd aan Rijksmuseum Amsterdam.