Controverse rond Europa-museum in Brussel

Europa museum in Brussel
Een van de zalen in het Huis van de Europese Geschiedenis die verhaalt over de Tweede Wereldoorlog / Foto: Reuters - Eric Vidal

Morgen wordt het Huis van de Europese Geschiedenis geopend in Brussel, een museum dat op initiatief van het Europees Parlement het publiek informeert over de naoorlogse geschiedenis van Europa om zo meer draagvlak voor de Europese samenwerking te creëeren. Maar zowel voor- als tegenstanders van de EU beschouwen het nieuwe museum echter als propaganda, dat schrijft De Telegraaf vandaag. 

In het artikel komen meerdere Nederlandse Europarlementariërs aan het woord. Olaf Stuger (PVV): “Het is de schaamte voorbij, een pathetische vorm van propaganda.” De SP hekelt het prijskaartje van 55 miljoen euro dat uit de begroting wordt betaald, Dennis de Jong: “Hier is niet zakelijk onderhandeld. Een stel volstrekte amateurs gaat de regie voeren over een museum. Waarom is niet met de stad Brussel of met België over de kosten gesproken? Brussel heeft er nu een gratis trekpleister bij.” Ook De Jong laat de term ‘propaganda’ vallen. Zelfs het pro-Europese D66 zet kanttekens bij het initiatief, Marietje Schaake: “Een parlement hoort geen museum te financieren.”

In het Huis van de Europese Geschiedenis zijn objecten verzameld afkomstig uit ruim tweehonderd verschillende musea. De nadruk ligt op de gebeurtenissen van de 20e eeuw, waarin de twee wereldoorlogen en de Holocaust plaats vonden. Hierna kwamen de eerste Europese samenwerkingsverbanden tot stand die zijn geëvolueerd in de huidige Europese Unie.

De opening is morgen in handen van voorzitter van het Europees Parlement Antonio Tajani: “We kennen nu zeventig jaar van vrede en veiligheid en dat is belangrijk. Mijn kinderen kennen onze erfenis niet echt. Laat dit een plek zijn waar ook veel over Europa gediscussieerd kan worden.” Over de financiële discussie zegt hij het volgende: “We moeten niet besparen op cultuur. Dit is geen propaganda-instrument maar een middel om onze kinderen te onderwijzen over Europa.”